De zin en onzin van sectorfondsen | Belegger.nl

De zin en onzin van sectorfondsen

Door Jeffrey Schumacher op 17 jul 2018 om 11:00 | Views: 1.548

De zin en onzin van sectorfondsen

Sectorfondsen lijken een nuttige functie te vervullen, maar een goed gespreide beleggingsportefeuille biedt al blootstelling aan verschillende sectoren. Dus sectorfondsen zijn eigenlijk overbodig. 

Ze kennen zelfs een gevaar: door de sterke schommelingen van hun rendementen is het lastig om op het juiste moment in te stappen. Dat wordt versterkt doordat fondshuizen vaak nieuw aanbod op de markt brengen voor gretige beleggers terwijl de piek al bijna bereikt is. Wees dus voorzichtig met sectorfondsen.

Hoogtijdagen in jaren '90

Sectorfondsen vierden hun hoogtijdagen in de jaren ’90. Diverse banken en vermogensbeheerders voerden een uitgebreide range van sectorfondsen die beleggers konden gebruiken als bouwblokken in hun portefeuille. De fondsen kennen een afgebakend mandaat, wat betekent dat ze uitsluitend beleggen in een specifieke sector.

Dit stelt beleggers in staat om hun visie gemakkelijk in de portefeuille te implementeren. Wanneer een belegger positief is over het toekomstperspectief van de olieprijs, dan kan een energiefonds aangeschaft worden. Wanneer wordt verwacht dat de economie aantrekt, kan een financials sectorfonds uitkomst bieden.

Menig belegger die al wat langer op de beurs actief is, heeft waarschijnlijk ooit wel een sectorfonds in bezit gehad, waarbij de kans groot is dat dit een IT- of telecomfonds is geweest ten tijde van de dotcom hausse rond de eeuwwisseling.

Overbodig

Hoewel sectorfondsen op het eerste gezicht een nuttige functie kunnen vervullen, is Morningstar nooit fan geweest van deze producten. Sectorfondsen zijn naar onze mening zelfs eerder overbodig.

De belangrijkste reden is dat een goed gespreide beleggingsportefeuille beleggers al blootstelling zou moeten geven naar de verschillende sectoren in de markt. Het toevoegen van een sectorfonds geeft beleggers dan dubbelop blootstelling aan een sector.

Tactisch onbenul

Natuurlijk kan een sectorfonds tactisch worden ingezet. Zoals gezegd geeft een gespreide portefeuille (nagenoeg) blootstelling aan alle sectoren in de markt, maar als een belegger een specifieke overtuiging heeft, dan kan die extra worden aangezet met de aanschaf van een sectorfonds. Dat is echter nu precies ook ons grote kritiekpunt.

Om dit goed te doen moet een belegger de markt, en in dit geval de sectorperformance, goed kunnen timen. En dat is iets waar beleggers gemiddeld genomen slecht in zijn. Uit onderzoek dat Morningstar heeft uitgevoerd naar het verschil tussen fondsrendement en het asset-gewogen fondsrendement (wat het fondsrendement corrigeert voor in- en uitstroom en daarmee het timingelement meeneemt), blijkt dat vooral sectorfondsen slecht scoren. Beleggers stappen vaak in op het hoogtepunt en verkopen op het dieptepunt. 

Een belangrijke oorzaak hiervan is de grote dispersie in sectorrendementen jaar op jaar. Daarmee bedoelen we dat het verschil in rendementen tussen sectoren in een bepaald jaar, maar ook voor een specifieke sector door de jaren heen, sterk uiteen kan lopen. De kans op een sterke positieve uitschieter is dus net zo goed aanwezig als de kans op een negatieve uitschieter. Dat maakt sectorfondsen vaak grilliger van aard en verkleint de kans op succes.

Zoete broodjes

Wat we helaas vaak zien is dat wanneer een sector (of een type beleggingsstrategie in het algemeen) goed presteert, er massaal nieuwe fondsen worden gelanceerd die beleggers blootstelling bieden aan de op dat moment meest populaire sector of strategie.

Achteraf gezien blijkt echter vaak dat het hoogtepunt van de hype dichtbij het moment ligt waarop iedereen over de sector praatte en iedereen hierin belegd wilden zijn, en waarop het aanbod van deze fondsen dus ook piekte. De fondsen worden gelanceerd omdat ze makkelijk verkopen aan gretige beleggers, maar de uiteindelijke beleggerservaring is vaak teleurstellend.

Prijskaartje

Die zoete broodjes die worden gelanceerd hebben vaak ook een speciaal prijskaartje. Enerzijds is dit het gevolg van de vaak beperkte omvang van het beheerde vermogen, wat het lastiger maakt om schaalvoordelen te creëren en daarmee de prijs te drukken. Het belangrijkste argument dat vaak gegeven wordt is dat sectorfondsen vanwege hun specialistische label een premium product zijn, wat zou rechtvaardigen om hogere kosten te rekenen dan voor generieke producten zoals een wereldwijd of Europees aandelenfonds.

Vaak zijn deze specialisten echter onderdeel van een breder research team, waarmee de specialisten hun kennis dus ook ter beschikking stellen voor meer generieke fondsen waarvoor doorgaans lagere kosten worden gerekend. Dat doet de vraag rijzen waarom een sectorfonds dan per se duurder moet zijn omdat gebruik gemaakt zou worden van exclusieve specialistische kennis. 

Dollar-cost-averaging

Voor wie toch in sectorfondsen wil beleggen, is het wellicht aan te bevelen om de strategie van dollar-cost-averaging te hanteren. In deze aankoopstrategie investeert een belegger niet een één keer het beoogde bedrag in een fonds, maar bouwt hij zijn positie beetje bij beetje op door op vaste intervallen (een maand of kwartaal) hetzelfde bedrag te investeren.

Hiermee zal een belegger nooit alles investeren op het dieptepunt in de markt, maar reduceert hij tegelijkertijd ook het risico dat alles op de top van de markt wordt geïnvesteerd. Een strategie dus die het gevaar van een slechte timing neutraliseert.

Spreiding

Een andere tip is om goed naar de samenstelling van een sectorfonds te kijken. Sectorfondsen zijn van nature gefocust op een specifieke sector, maar de mate van concentratie van de portefeuille naar de verschillende sub-industrieën of grote bedrijven in de portefeuille kan een wereld van verschil maken.

Een technologiefonds dat voornamelijk belegt in semiconductors heeft een hele andere dynamiek dan een technologiefonds dat daarnaast ook belegt in hardware, software en internetbedrijven. Net zoals een sectorfonds dat investeert in de sector basismaterialen ervoor kan kiezen om vooral in risicovollere mijnbouwers te beleggen, of om in doorgaans defensievere chemie- of papierbedrijven te beleggen.

Hoewel wij dus in het algemeen onze bedenkingen hebben bij (het nut van) sectorfondsen, zijn er wel degelijk sectorfondsen die wij als goede optie zien voor beleggers die toch graag wat extra sectorblootstelling aan hun portefeuille willen toevoegen. Die fondsen behandel ik graag met u in mijn volgende column. 

Jeffrey Schumacher, is fondsanalist en Manager Research team bij Morningstar Benelux.

Plaats een reactie

Meedoen aan de discussie?

Word nu gratis lid of log in met uw e-mailadres en wachtwoord.